De Fila Brasileiro

 

Samenstelling: S.C. van der Blom-Bekker
M.R. Carels
T.H. Horree-de la Rie
M.R.Maarsingh
R.I.W. Selders
Vormgeving: S.C. van der Blom-Bekker

Deze Brochure is een uitgave van de NMMC en nadruk is zonder toestemming verboden!

Dit is de eerste druk en deze wordt uitgegeven vanaf juli 2000.

____GESCHIEDENIS____

Wie de Fila ziet, ziet Brazilië. De Fila is een passie: een instinctieve primitieve kracht terug te voeren naar zijn voorouders. De trieste, melancholieke uitdrukking van de Fila verbergt een scala aan verlangens: het verlangen naar de grote haciënda van weleer, het verlangen naar de jacht op de jaguar, het verlangen naar de lange trek naast het vee, het verlangen naar vrijheid en open ruimte. Over het ontstaan van de Fila Brasileiro zijn diverse theorieën ontwikkeld. Wie het aandurft over de afstamming van de Fila te schrijven stuit op een aantal zeer uiteenlopende meningen omtrent het ontstaan van dit ras.

Een aantal van deze meningen is hieronder beschreven. Een uitgebreider beeld over de Fila kunt u krijgen, door de boeken te lezen die achter in deze brochure vermeldt staan.

Het woord “Fila”komt waarschijnlijk uit het Portugese “Caes de Fila”waarmee bedoeld wordt een hond die achtervolgd, pakt en vasthoudt. Zuid-Amerikaanse honden met namen zoals “Presa”(pakken) en de “Bravo”dog(moedige hond) in Colombia; de Cubaanse dog in het Caribische gebied; de Cordovaanse dog van Argentinië (voorouders van de Dogo Argentino) en de Braziliaanse “Fila”, zijn of waren waarschijnlijk afstammelingen van de nu zo goed als verdwenen Iberische prooi en bijthonden, die waren geïntroduceerd door de Spaanse en Portugese veroveraars van Amerika. Onder andere werd naar Zuid Amerika de Alano meegebracht: een grote atletische hoogbenige hond van het Molosser type, thans geheel verdwenen. Met de later ingevoerde Engels Mastiff (Canes sagaces), de Bloedhond en de oude Engelse Buldog (Canes pugnaces), niet te verwarren met de huidige Engelse Buldog), zou dit tot de hedendaagse Fila Brasileiro hebben kunnen leiden. Maar men moet zich bedenken dat de Fila geen ras is dat door de mens is ontwikkeld, het heeft zich door de eeuwen heen gevormd op een natuurlijke wijze die gelijk liep met de behoefte van de bewoners in dit grote land.

In Europa hecht men de meeste waarden aan de uitlatingen van Dr. Paulo Santos Cruz, die meent dat Fila zou zijn ontstaan uit primitieve kruisingen tussen de Mastiff, de Buldog en de Bloedhond. Van de Mastiff erfde de Fila de korte stevige nek, de forse botconstructie, de licht aflopende kroep, het Molosser type en de grote moed. De Bloedhond gaf de losse huid mee, de trieste oogopslag, de hangende lippen, de niet opgetrokken buiklijn, de jachtknobbel en de speurzin. Van het oude type Buldog erfde de Fila het temperament, de donker gestroomde vacht, hogere achterbenen en in sommige gevallen het roosoor. In de rashondenencyclopedie van Walter van Ridle staat vermeld, dat de Hollanders de voorouders van de Fila in Brazilië geïntroduceerd hebben.

Professor Do Valle gaat er van uit dat de Hollanders bijthonden ofwel prooihonden (Bullebijters) in Brazilië hebben geïntroduceerd. De Portugese invloed wordt daarbij gebagatelliseerd. Volgens Do Valle vindt men vindt men in de geschiedenis van de steden Olinda en Pernambuco al in 1631 de introductie van de prooi en bijthonden terug. In 1630 veroverde de Hollandse kolonisten Pernambuco, daarna het gehele noordoosten van Brazilië tot aan de monding van de Amazone in 1654. Do Valle draagt hier voor nog meer bewijs aan. In “Historica da Guerra de Pernambuco”schrijft Diego Lopez de Santiagoin, in 1633: De Hollanders betraden het slagveld, begeleid door talloze grote honden.

In diverse brieven van de raad van XIX, een orgaan van de Nederlandse regering, gedateerd 7 september 1630 een geschreven in het Vlaams vanuit Middelburg/Zeeland wordt gesproken over een groep van 300 honden die de Hollandse soldaten zullen helpen bij het gevangen nemen van de niet gewapende Indianen, negers en Portugezen. Een brief aan de raad van XIX vermeldt, dat de Hollanders, dankzij hun honden konden overleven. Door het voortduren van oorlog en door de honger verminderde het aantal honden echter drastisch. Velen bleven achter op de Braziliaanse haciënda, specifiek de honden die opvielen door hun moed. Zij werden ingezet om het vee te verdedigen tegen de aanvallen van de jaguar. Alle thesen en hypothesen ten spijt, is de Fila een afstammeling van een type hond dat volledig is verdwenen van het kynologische wereldtoneel.

 

____KARAKTER____

Voor zijn eigen mensen is de Fila Brasileiro een zeer aanhankelijke, zachtaardige en gehoorzame hond. Hij hecht zich erg sterk aan zijn eigenaar en het gezin, hij heeft er veel moeite mee als hij op latere leeftijd een andere eigenaar moet accepteren en is daarom moeilijk te herplaatsen. Hij is zelfverzekerd, moedig en hard voor zichzelf. De Fila is zeer waaks en heeft een aangeboren verdedigingsdrang. Hij heeft een goed territorium gevoel en bewaakt en verdedigd het huis en het erf en een iedereen die hem lief en vertrouwd is zeer overtuigend.

In huis is de Fila doorgaans heel rustig, en met een goede zachte plek om op te liggen in de buurt van de huiselijke activiteiten is hij tevreden. Een Fila is het liefst in de buurt van zijn baas. Het contact met zijn mensen is van groot belang, daarom is de Fila niet geschikt als kennelhond of bewaker van een terrein waar hij weinig of geen contact heeft met zijn baas. Fila’s hebben een uitzonderlijk goede neus en een flink portie jachtinstinct. Het uitgesproken Fila-karakter maakt dat de hond aan de ene kant bijzonder zacht en tolerant is voor ieder die hem lief is en aan de andere kant hard en onverschrokken is voor ieder die hem en zijn mensen bedreigd. De Fila is geen geschikte hond om in de africhting te gebruiken zoals Herders honden. Het pakwerk zal de Fila over het algemeen niet zien als een spelletje, maar als een serieuze aanval naar zijn baas of naar zichzelf. Wel wordt de Fila succesvol als werkhond naast zijn baas/ begeleider gebruikt. In verschillende landen als “politiehond”en voor allerlei karweien in de jungle leent hij zich perfect.

 

____SOCIALE AANLEG____

De Fila is een prima gezinshond, hij is erg aanhankelijk en tolerant. Voor eigen kinderen zal de Fila dan ook geen enkel probleem vormen. De speelkameraadjes van uw kinderen zal niet iedere Fila zomaar accepteren, dit heeft dus extra uw aandacht en begeleiding nodig. De omgang met andere huisdieren zal weinig problemen geven, die boven er voor de Fila gewoon bij. Een Fila staat bekend om zijn wantrouwen voor vreemden. Regelmatige bezoekers worden zolang de eigenaar thuis is gemakkelijk geaccepteerd. Ten opzichte van anderen honden, die niet tot het eigen roedel behoren, maar wel van hetzelfde geslacht zijn, is de Fila vaak dominant. Ten slotte, betrek uw Fila overal hij, dan zal het vanzelfsprekend zijn om het nieuwe te accepteren. Hij heeft dan immers geen enkele reden om jaloers te zijn.
____OPVOEDING____

De Fila Brasileiro kun je het beste beschrijvingen als een zelfstandig denkende hond. Hij heeft een zachte hand nodig en een rustige consequente aanpak. De Fila is daarom over het algemeen geen hond voor beginners. De opvoeding dient in alle rust en met veel begrip voor het karakter van de hond te geschieden, daarom moet de eigenaar een zelfverzekerde, evenwichtig en rustig persoon zijn, die de hond een stabiele leefomgeving kan geven. Het belonen en straffen moet zich verhouden tot de leeftijd van de hond. Hard straffen lijdt vaak tot hard wedergedrag, veel en hard corrigeren met de slipketting heeft vaak als gevolg dat de Fila zeer sterk wordt in de nek en steeds moeilijker te corrigeren is. Tevens kan een te harde correctie de opgroeifase tot ernstige blessures lijden. Beter is misschien, uw hond te bestraffen met een zware stem en als het nodig is kunt u hen aan zijn nekvel pakken en door elkaar schudden. Dit is de enige taal die voor de hond begrijpelijk is, want ook zijn moeder gromde naar hem of pakte hem is zijn nekvel. Behandel uw Fila met zeer veel liefde maar wel consequent. De Fila is een uitgesproken voorbeeld van een hond die handelt vanuit de liefde voor, en het vertrouwen in zijn baas. Wees leider voor uw hond, zonder dat uw hond zijn waardigheid, trots en eigenheid hoeft te verliezen. Sta niet toe dat hij als pup dingen doet, die u van een volwassen hond niet tolereert. Trek veel tijd uit voor de socialisatie, begin hier direct mee zodra uw pup bij u in huis komt en ga zeker door tot de hond. Volwassen is. Een puppy leert van de ouderdieren en roedelgenoten. Die taak nemen wij als baas over op het moment dat de pup bij ons in huis komt. Aangezien de Fila zeer baas – gericht is een zeer gevoelig van karakter, moeten wij onze voorbeeldfunctie serieus nemen. Het zachte karakter van de Fila naar voren brengt, getuigd van een zeer goede opvoeding en doet beslist geen afbreuk aan de alertheid, waakzaamheid en beschermingsdrang die de Fila van nature in zich heeft. Wen uw hond aan lawaai, verkeer, drukte en breng hem zo veel mogelijk in kontact met mensen en andere dieren. U krijgt allicht een socialere hond. Een Fila zit graag hoog op een stoel of bed, zijn dag en activiteiten te overdenken. Het liefst naast of op zijn baas. Stel duidelijk de grenzen, die iedere baas natuurlijk zelf bepaald.

 

  DE KEUZE EN DE AANSCHAF  
____ ____

Iedere hond en zeker een Molosser dient men zeer weloverwogen aan te schaffen. Even bewust kiest men voor een pup. U heeft gekozen voor een pup die over het voor het ras kenmerkende raseigenschappen beschikt. Dit zijn niet alleen de in het oog springende uiterlijke kenmerken, maar tevens kiest men voor een pup met de voor het ras typische karaktereigenschappen die generaties lang, door middel van goed fokken, zijn vastgelegd. Uw raskeuze is uitvoerig besproken met de overige gezinsleden en naast het bestellen van dit boekje heeft u zich uitvoerig laten informeren door: de rasvoorlichter van de NMMC. Vanzelfsprekend heeft u verschillende volwassen honden van het ras van uw keuze gezien en met de bezitters en fokkers gesproken. Als laatste belangrijke tip willen wij u dit meegeven. Kies een pup die bij je past qua karakter en laat je niet verleiden door alleen het uiterlijk.

Als het klikt met je hond, en zeker met een Fila, is dit een sterke basis voor een goed contact tussen baas en hond. Voor vragen en/of problemen bij het opvoeden e.d. van uw Fila Brasileiro, kunt u altijd contact opnemen met de Fila Brasileiro rascommissie.

  GEZONDHEID EN GEVOELIGHEID  
____ ____

In de loop der jaren is gebleken dat de Fila Brasileiro een aantal gevoeligheden heeft die niet zozeer rasgebonden zijn, maar zeker het vermelden waard, en kan deze informatie u veel leed besparen. De Fila is gevoelig voor een maagtorsie. Dit is een kanteling van de maag, waardoor er en afsluiting ontstaat tussen slokdarm en maag, en tussen maag en darmen. De maag vult zich hierdoor met gassen. Zeer snel ingrijpen door een vakkundige dierenarts is voor de hond van levensbelang. Symptomen die op een maagtorsie kunnen wijzen zijn: kwijlen, kokhalzen zonder dat er braaksel komt, onrustig gedrag, strekken/ uitrekken en omkijken naar de buik. Als de buik uitzet is grote spoed vereist. NOOIT afwachten, beter loos alarm dan uw  hond die sterft. Het is goed om verschillende(± 3) maaltijden over de dag te verdelen, en niet vlak of na het wandelen en spelen voeren!

De Fila is zeer gevoelig voor narcose. Een normale dosis voor een hond van zijn gewicht, kan voor een Fila betekenen dat hij niet meer zal bijkomen uit de narcose. Maak uw dierenarts hier voor de zekerheid attent op.

Zoals al eerder genoemd is de Fila laat volwassen en heeft veel tijd nodig om zowel geestelijk als lichamelijk te groeien. Omdat de Fila van zichzelf een grote zware hond is, is het van belang om in de opgroeifase het rustig aan te doen met uw pup. Dit in verband met de ontwikkeling van de knie/ kruisbanden en de ontwikkeling van de heupen/ gewrichten in voor en achterpotten. Door de snelle groei van deze zeer zware honden zijn het vaak de kruisbanden die het moeten ontgelden door overgewicht, lange wandelingen en heftige stoeipartijen. De kruisbanden worden dan overbelast, het kan dus voorkomen dat er tijdens een stoeipartij een kruisband inscheurt. Of de hond verstapt zich lelijk en scheurt de kruisbanden af tot op het bot.

Beiden kunnen goed verholpen worden door (indien de kruisband licht is ingescheurd) de hond een lange tijd veel rust te bieden, of bij ernstige acute klachten direct de hond te laten opereren. Na goed herstel kan de hond (bijna) alles weer. Begin niet te vroeg met serieuze fietstochten en beperk het traplopen. Houd in uw achterhoofd, dat een geoefende sterke Fila zijn snelle grote lichaam beter kan dragen dan een te dikke ongeoefende hond.

 

DE RASSTANDAARD

 
____ ____
Algemene kenmerken:
  Krachtige botten, rechthoekige bouw, compact, maar harmonisch en evenredig in de verhoudingen. Bij dit massale uiterlijk is echter duidelijk een grote bewegelijkheid en snelheid waar te nemen. Teven dienen en duidelijk zichtbare vrouwelijkheid uit te stralen, waardoor het verschil met de reu goed zichtbaar is.

Karakter en temperament:
  Moed, doorzettingsvermogen en uitgesproken dapperheid maken een deel uit van de eigenschappen van de Fila Brasileiro. Voor de eigenaar en zijn familie is de Fila volgzaam en voor de eigen kinderen buitengewoon verdraagzaam. Een bekende Braziliaans spreekwoord luidt:”Zo trouw als een Fila”. Hij zoekt altijd het gezelschap van zijn baas. Een van zijn kenmerkende eigenschappen is zijn wantrouwen (origineel “ojeriza”) jegens vreemden. De Fila straalt kalmte, zelfverzekerdheid en zelfvertrouwen uit. Hij laat zich niet uit zijn evenwicht brengen door vreemde geluiden of een onbekende omgeving. De Fila is een onovertroffen bewaker van de eigendommen van zijn baas. Instinctmatig is hij een toegewijde jager op groot wild en een veedrijver.
Gangwerk:
  De Fila heeft een elastische gang met een lang bereik. Zijn vloeiende schreden doen je denken aan de grote katachtige. Het meest karakteristieken is de telgang, een twee-maatse zijdelingse gang, waarbij de benen ter ener zijde als een paar beweging (genaamd”de kamelengang”). Deze beweging is duidelijk waarneembaar langs de gehele toplijn tot aan de staart. Tijdens de gang wordt het hoofd lager gedragen dan de rug. De draf is vloeiend en vrij met een krachtige stap. De galop is krachtig met een snelheid die men van zo’n grote zware hand niet zou verwachten. Door de bewegelijkheid in de gewrichten, typisch voor de Molosser, wekken de bewegingen van de Fila de indruk, dat direct en snel van richting kan worden veranderd en dit is ook juist.
Uitdrukking/ expressie:
  In rust: kalm en edel en vol zelfvertrouwen. De Fila toont nimmer een verveelde of afwezige uitdrukking. Indien alert; vastberaden en waakzaam met een rustige en standvastige oogopslag.
Hoofd:
  Het hoofd van de Fila is groot, zwaar, massief, maar altijd in de juiste verhouding tot de totale lichaamsafmetingen. Van boven af gezien doet het denken aan een trapezium, waarin het hoofd peervormig is geplaatst. Gezien de zijkant is de verhouding tussen de schedel en snuit 1:1, waarbij de snuit een weinig korter is dan de schedel.
Schedel:
 

Een profiel vormt de schedel een vloeiende gebogen lijn van de stop naar de occiput (achterhoofdknobbel). Bij pups steekt deze achterhoofdknobbel duidelijk uit.

Van voren gezien is de schedel groot en breed met een iets gebogen bovenlijn. De zijlijnen lopen bijna verticaal, gebogen nauwer wordend naar de snuit toe, zonder stop te tonen.

Stop en voorhoofdsgroef:
  Deze is gezien vanaf de voorkant praktisch niet aanwezig. De middelste rimpel is niet diep en loopt vloeiend omhoog. Van opzij gezien is de stop laag, glooiend en wordt feitelijk alleen gevormd door de goed ontwikkelde wenkbrauwen.
Snuit:
  Krachtig, breed, diep en altijd in volkomen harmonie met de schedel. Van boven af gezien is de snuit vol, onder de ogen iets nauwer wordend naar het midden van de snuit en weer iets breder wordend naar de voorkant. Van opzij gezien is de neus recht en heeft een ietsje gebogen lijn (Romeinse neus), echter nooit omhoog gebogen. De voorkant van de snuit vormt bijna een loodrechte lijn met de groef direct onder de neus en vormt een perfecte boog met de bovenlippen, waardoor vorm gegeven wordt aan de onderlijn van de snuit die bijna parallel loopt met de bovenlijn. De rand van de lippen is altijd zichtbaar. De onderlippen zijn aaneengesloten tot aan de hoektanden, daarna loshangend met getande randen. Aan de wortel is de snuit diep, echter zonder daarbij de lengte te overtreffen. De randen van de lippen vormen een omgekeerde “U”.
Neus:
  Goed ontwikkelde brede neusgaten, die echter niet de gehele kaakbreedte beslaan. Kleur: zwart.
Ogen:
  Middelgrote tot groot, amandelvormig, ver uit elkaar geplaatst en middelmatig diep tot diep geplaatst. Toegestane kleuren: van donkerbruin tot geel, echter altijd in overeenstemming met de kleur van de vacht. Door de overvloedige losse huid hebben veel Fila’s neerhangende onderste oogleden, welke niet gezien wordt als fout, want juist hierdoor ontstaat de melancholieke uitdrukking die typerend is voor het ras.
Oren:
  Groot, dik, V-vormig en hangend. Breed aan de aanzet, iets spits toelopend naar de ronde uiteinden. Aangezet op het achterste deel van de schedel op een lijn met de ogen (als de hond in rust is). Indien de hond alert is, bevindt de aanzet zich boven deze lijn. De aanzet staat schuin op de voorkant, hoger dan de achterkant. Hangend tegen de wangen of naar achteren gevouwen waarbij de binnenkant van het oor zichtbaar wordt.
Gebit:
  De tanden zijn breder dan lang, sterk en wit. De bovensnijtanden zijn krachtig, stevig gezet en ver uit elkaar geplaatst. Ideaal is een schaargebit, een tanggebit is toegestaan.
Nek:
  De nek is buitengewoon sterk en gespierd waardoor de indruk wordt gewekt dat de nek kort is. Iets gebogen aan de bovenkant en goed wijdstaand aan de schedel. Kwabben aan de hals.

Toplijn:
  Door de afstand tussen de schouderbladen zijn de schoften ver uit elkaar geplaatst in een aflopende lijn. De schoften bevinden zich op een lagere lijn dan de kroep. De toplijn vertoont geen neiging tot zadel of karperrug.
Kroep:
  Breed en lang. Vormt in een vloeiende lijn een hoek van ongeveer 30 graden met de horizontale lijn. Iets hoger dan de schoften. Van achteren gezien is de kroep bijna net zo breed als de borstkas, kan bij de teven zelf breder zijn.
Lichaam:
  Sterk, breed en diep, bedekt met een dikke losse huid. De borstkas is langer dan de buik. De lengte van het lichaam is hetzelfde als de hoogte plus 10%, wanneer gemeten vanaf de punt van de schouder tot aan de punt van de achterhand.
Borst:
  Goed gebogen ribben, echter zonder de positie van de schouder te beïnvloeden. Brede diepe borst die reikt tot aan de ellebogen. Het borstbeen steekt duidelijk uit.
Lendenen:
  Korter en niet zo diep dan de borst met duidelijk zichtbare afscheiding tussen beide delen. Teven hebben een beter ontwikkelde lendenpartij aan de onderzijde. Van boven af gezien zijn de lendenen nauwer dan de borst en de kroep maar mogen geen uitgesproken taille voren.
Onderlijn:
  Een lange borst en parallel in verhouding tot de grond over de gehele lengte een iets opgetrokken lijn verlopend in het onderlijf, echter niet als bij een whippet.
Voorhand:
  De schouder is samengesteld uit het schouderblad en de bovenarm (scapula en humerus), die beide van gelijke lengte moeten zijn en waarbij het schouderblad een hoek van 45 graden vormt met de horizontale lijn en de bovenarm een hoek van 90 graden met het schouderblad. De hoeking schouderbladbovenarm vormt de punt van de schouder en ligt ietsje achter de punt van het borstbeen. In een ideale positie ligt de punt van de schouder halverwege tussen de elleboog en de schoft. Een denkbeeldige loodrechte lijn vanaf de schoft snijdt de elleboog en eindigt bij de voeten.

Voorbenen:
  Krachtige loopbotten, benen parallel en recht tot de middenvoet. Middenvoetsbotten (metacarpus) kort, duidelijk en sterk gevormde tenen (carpus) licht gebogen. Lengte van het been moet vanaf de grond tot aan de elleboog 50% zijn van de lengte vanaf de grond tot de schoft.
Voorvoeten:
  Krachtig, met goed gebogen tenen, niet te dicht bij elkaar. Voetkussens dik, breed en diep. De ideale positie van de voeten is naar voren gericht. Sterke, donkere nagels. Witte nagels zijn toegestaan, maar waar de kleur van de voet en de tenen wit is.
Achterbenen:
 

Iets ovaler dan de voorvoet, maar dit geldt in wezen voor de hele beschrijving. Hubertusklauw (vijfde teen) hoort niet aanwezig te zijn.

Staart:
 

Zeer breed aan de wortel, spitser toelopend naar de sprong. Als de hond alert is, wordt de staart hoog gedragen en is de bocht aan het einde duidelijk zichtbaar. Mag niet gekruld over de rug gedragen worden.

Hoogte:
 

De schofthoogte is bij:

Reuen:  65cm tot 75cm – 27 inches/29,52 inches

Teven:  60cm tot 70cm – 24 inches/27,56 inches

Gewicht:
  Reuen:  minimaal 45 kilo – 100  pounds
Teven:  minimaal 40 kilo -   90   pounds
Kleur:
  Alle egale kleuren zijn toegestaan met uitzondering van diskwalificeerde kleuren, dat zijn wit en muisgrijs, gevlekt of gespikkeld. Geelbruine honden met een egale vacht mogen gestroomd zijn met lichtere of veel donkerdere strepen. Een zwart masker is toegestaan. Bij alle toegestane kleuren zijn witte vlekken aan de voeten, de borst en de staartpunt toegestaan. Liever niet op andere delen van het lichaam. Indien de witte vlekken meer dan ¼ deel van de totale lichaamsoppervlakte overschrijden, wordt dit als zeer ernstige fout gerekend.
Huid:
 

Een van de belangrijkste kenmerken van het ras is de dikke losse huid die het hele lichaam bedekt en die vooral aan de nek uitgesproken kwabben vormt en vaak ook voorkomt aan de borst en de buik.

Sommige honden hebben een plooi aan de zijkant van de kop, alsook langs de hals tot aan de schouder. Als de hond in ruste is, is de kop rimpelloos. Als de hond alert is vormt de samengetrokken schedelhuid kleine verticale rimpeltjes.

Vacht:
 

Kort, zijdeachtig, dicht en goed aansluitend op het lichaam.

Fouten algemeen:
  Croptorchisme, monorchisme, het gebruik van hulpmiddelen om bepaalde effecten te krijgen, albinisme, ontbreken van rastyischheid.
Diskwalificerende fouten:
  1) Agressie tegen de baas/eigenaar
2) Lafheid

3)

Roze neus

4)

Bovenvoorbeet

5)

Ondervoorbeet, waarbij de tanden zichtbaar zijn bij een gesloten bek

6)

Ontbreken van een hoektand (canine) of een molaar (m.u.v. de P1)

7)

Blauwe ogen (glasogen)

8)

Gecoupeerde oren of staart

9)

Kroep lager dan de schoft

10)

Alle witte honden, muisgrijs, gevlekt, of gespikkeld(schimmel)

11)

Kleiner dan de minimum afmeting

12)

Niet voldoende losse huid

13)

Ontbreken van het typische gangwerk (kamelengang)
Zeer ernstige fouten:
 

1)

Klein hoofd

2)

Kleine bovenlippen, zonder kwabben

3)

Uitgesproken stop, van voren gezien

4)

Uitpuilende ogen

5)

Ontbreken van twee gebitselementen   (m.u.v. de P1)

6)

Ontbreken van halskwabben

7)

Apathie of angst

8)

Overgevoeligheid voor harde knallen (schoten)

9)

Karperrug

10)

Horizontale ruglijn, niet oplopend naar de kroep

11)

Overmatige plooivorming

12)

Koehakkigheid

13)

Ontbreken van hoeking in de achterhand(te steil)

14)

Te lichte botstructuur

15)

Gebrek aan massa (te slank)

16)

Groter dan maximum afmetingen

17)

Witte vlekken die meer dan een kwart van deTotale lichaamsoppervlakte overschrijden

18)

Gebrek aan pigment langs de oogranden

19)

Ronde ogen

20)

Vierkante bouw
Ernstige fouten:
 

1 )

Korte snuit

2)

Kleine oren

3)

Hoog aangezette oren

4)

Te lichte ogen

5)

Rimpels op het voorhoofd als de hond in rust is

6)

Ondervoorbeet

7)

Ontbreken van twee gebitselementen

8)

Plooien onder de keel die geen kwabben zijn maar horizontale plooien

9)

Zadelrug

10)

Nauwe kroep

11)

Over de rug gedragen staart

12)

Borst zonder diepte

13)

Afwijkingen in voet of handwortelbeentje of middenvoet of middenhandwortelbeentjes

14)

Te veel gehoekte achterhand

15)

Korte stappen, klein bereik
Kleine fouten:
  Alle andere afwijkingen van de rasstandaard kunnen worden beschouwd als lichtere fouten.
Reuen moeten twee duidelijk zichtbare normaal in het scrotum afgedaalde testikels hebben.
 

LITERATUURLIJST EN BRONVERMELDING

 
  ___ ___
 

-“A LITTLE BACKROUND (ALANO)”, JUAN           

  ARTURO COLLADO
- “THE FILA BRASILEIRO”, INES VAN DAMME
- “THE FILA BRASILEIRO”, CLELIA KRUEL
- “O FILA BRASILEIRO”, ROSWITA HIRSCH-REITER

MET EEN KNIPOOG NAAR EEN GOEDE TOEKOMST MET…………UW FILA?